|
Doet het pijn?, vroeg ik hem.
Nee,als jij doet wat ik zeg dan doet het bijna geen pijn.
Ik haat deze plek, eigenlijk wil ik hier niet zijn.
Noodzaak dwingt me, het is beter voor mij, zeggen ze.
Hij kijkt mij met zijn blauwe ogen aan.
Ga maar liggen, probeer te ontspannen, dan gaat het makkelijker.
Vanuit mijn ooghoek zie ik een mega grote spuit op mij afkomen.
Wat ga je doen? Vraag ik bijna in paniek.
Ik ga je eerst verdoven, je voelt er niks van, doe je mond maar open.
Een traan rolt uit mijn oog, ik ben bang heel bang.
Ik haat deze plek, alles aan deze plek, de geuren, de stoel, de mensen, de geluiden.
Ik open mijn mond, haal diep adem en sluit mijn ogen.
Hij had gelijk, van de prik voel ik nauwelijks iets.
De helft van mijn mond wordt gevoelloos.
Ik bijt in mijn lip, dit is raar. Dit haat ik ook.
Een halve gevoelloze mond.
Ga maar even in de wachtkamer zitten. Ik kom zo bij je.
Trillend loop ik naar binnen. Een moeder leest de donald duck voor aan haar dochter.
De stemmetjes die ze na doet irriteren mij.
Ik hou mezelf voor dat het allemaal wel mee valt, het is zo voorbij.
Vanavond eet ik ijs en morgen ben ik weer aan het werk.
Ik ben een grote meid, zo'n kies kan ik heus wel aan.
De leugens werken niet echt, dat merk ik aan mijn handen die blijven trillen en aan de brok in mijn keel.
Ik voel me ineens erg klein. Even overweeg ik de wachtkamer uit te rennen.
Gewoon naar huis gaan. Dan maar een scheef gebit.
Het is de laatste van de vier, de andere drie gingen er bijna probleemloos uit.
Mijn naam wordt geroepen, ik loop de behandelkamer in.
Er liggen allerlei tangen en eng uitziende dingen klaar.
Ik ga liggen, open mijn mond en sluit mijn ogen.
In mijn hoofd ga ik het lijstje af van alles wat ik nog moet doen.
Hij doet me pijn, dwars door mijn verdoving heen voel ik hem rukken en trekken.
Een andere tang wordt erbij gehaald en de assistent wordt binnen geroepen.
Mijn lichaam kronkelt alle kanten op, mijn hoofd blijft netjes stiil liggen.
Onverstaanbaar scheld ik de hele boel bij elkaar en probeer ik de
tandarts duidelijk te maken dat hij mij pijn doet.
Na een minuut of 20 zijn we klaar. Mijn hart klopt in mijn mond.
Dit gaat pijn doen, zeg ik tegen hem.
Als jij je aan de voorschriften houdt dan valt het met de pijn echt wel mee.
Echt?
Echt.
Ik lig in bed, de verdoving is aan het uitwerken en een helse pijn barst los in mijn mond, hoofd en gezicht.
Mijn hoofd gaat ontploffen, ik weet het zeker.
Ik slik zoveel mogelijk ibuprofen en paracetamol. Het helpt niet.
Ik doe geen oog dicht en lig de hele nacht wakker.
De volgende dag is enkel een helse herhaling van de dag ervoor.
Donderdag besluit ik de huisarts en tandarts te bellen. Ik wil sterkere pijnstillers.
Ik wil slaappillen, ik wil iets! De wond is ontstoken en mijn kaak is onwricht.
Mijn tong is zo dik als de slurf van een olifant.
Mijn rechter oog is dik en mijn oor barst ook van de pijn.
Slik maar wat meer ibuprofen en doe er ook nog maar wat meer paracetamol bij is het advies van de huisarts.
Ik ben in staat om haar een ontwrichte kaak te slaan. De tandarts raadt extra zetpillen aan, panadol.
Dat moet wel voldoende zijn. Verder kunnen we niks voor je doen.
Vrijdag nacht ik kan nog steeds niet slapen. Mijn wallen hangen ondertussen tot op de grond.
De stank uit mijn mond is niet te harden. Als iemand met mij praat, raad ik een gasmasker aan.
Ik zou zonder moeite ingezet kunnen worden om een compleet dorp met mijn adem te laten flauwvallen.
Ik hou geen eten binnen en ben aan de panadol zetpillen schijterij.
Mijn keel is ondertussen zo opgezet dat ik bijna geen adem meer krijg.
om 3 uur s'nachts sjees ik naar de 1ste hulp.
De zuster komt binnen met een spuit. Wat gaat u doen, wat is dat?
Morfine.
Het verlossende woord.
Met alle enthousiasme die ik op dat moment nog in me kan vinden strek ik gewillig mijn arm.
Een prikkelend goedje wordt in mij gespoten en niet lang daarna heb ik even geen pijn meer.
Ik krijg zin om uit te gaan, moet lachen en vraag me af waar ik mij eerder zo druk om heb gemaakt.
De volgende dag is de pijn weer terug. En dat is ze nog steeds.
Al wordt het nu wel iets minder.....
|